Is het nu de beurt aan zilver?

zilver

Technische Analyse is een raar beestje: je kunt in een grafiek allerlei patronen herkennen, en dan denken dat je er voorspellende waarde aan mag hechten. De grote vraag is evenwel op welke schaal je zo’n patroon als betrouwbaar mag achten. Over een termijn van drie maanden? Een jaar? Een decennium misschien? Ik geloof best dat er psychologische cycli zijn, die maken dat koersen dalen of stijgen, maar … wanneer?

Heden ten dage, bijvoorbeeld, maakt één welbepaald artikel op ZeroHedge nogal furore, omdat het een enorm “cup&handle”-patroon voor zilver laat zien. Zo’n patroon start met een piek, gaat dan door een lang en breed dal naar een volgende piek, zinkt dan nog even weg (het oortje van de tas) en schiet daarna meestal (niet altijd) met een snok hoger. Mocht dat waar zijn, dan bevinden we ons, ondanks zakkende prijzen voor zilver, toch aan het begin van een nieuwe Bullmarkt.

De grafiek is imposant, mede omdat ze een tijdspanne van maar liefst 46 jaar beslaat, hetgeen zou betekenen dat, uitgezoomd, zilver voor een sprong van jewelste staat. In 1979, tot Paul Volcker aan de macht kwam als voorzitter van de Fed, piekte zilver net boven de 50 dollar. In 2012, samen met de goudhausse zagen we opnieuw dat cijfer. Sindsdien is het armoe troef: vanaf die mooie piek gingen we steeds lager, ondanks het feit dat zilververkopers zowat elk kwartaal de Bullmarkt aankondigen. Zouden ze dan toch niet zoveel macht hebben?

Maar dit is dus het hoopvolle bericht: het is niet omdat je al zeven jaar zakkende koersen ziet, dat het daarom ook technisch zo is dat zilver de dieperik in gaat. In tegendeel. Op zeer lange termijn beschouwd (46 jaar) is dit net een goed teken. Het zou betekenen dat zilver, vanaf die tweede piek, en na dit oortje van de tas, terug hoge toppen gaat scheren. Dat lijkt mij inderdaad plausibel, en is iets wat ik in één van mijn laatste edito’s al heb aangegeven: een sprong van de 16,85 dollar waar we nu op staan naar om en bij de 80 dollar lijkt mij niet onmogelijk.

Wat echter niet klopt aan het plaatje zijn de goud-en zilvermijnen. Die geven geen kik. Normaal is het zo dat als zilver en goud gaan stijgen, de koers van de mijnen daarop anticipeert. Maar nog bij GDX of één van de groten der aarde zie je enige beweging. In tegendeel. Het sentiment is daar nog negatiever geworden dan voorheen. Bij het begin van 2016 had je een spectaculaire run-up, en bij het begin

van 2017 werd dat nog eens overgedaan, zij het in mindere mate. Begin 2018 echter? Een klein bultje. Een puist, meer niet. De vraag is dus of het dit keer anders is. Of je dit keer wel al met de voeten vooruit in zilver mag beleggen. Ikzelf ga nog wachten. Bij de eerste tekenen van een uitbraak is er nog tijd genoeg om, bij de eerste winstnames, nog wat van het fysieke goedje in te slaan. Wat evenwel niet wil zeggen dat u al geen zilver in uw portfolio zou moeten hebben. Elke rechtgeaarde belegger – dat wil zeggen: iemand met een gezond wantrouwen in de exuberante waarderingen van vandaag – die moet minstens 10 à 15 % edelmetalen in portefeuille hebben. Zilver is daar zeker één van. 2018 is niet zo goed begonnen voor de edelmetalen maar toch denk ik dat dit wel eens een zilveren jaar zou kunnen worden. “We zullen zien”, zei de blinde. “Ja”, zei de dove, en hij flikte een oog. Meer analyses, leugens, twijfels, waar- en onwaarheden over het monetaire stelsel treft u aan in de nieuwsbrieven op de website van MACRO Trends.

Brecht Arnaert

Brecht Arnaert

Brecht Arnaert is als monetair expert verbonden aan de Universidad Rey Juan Carlos te Madrid, en is sinds november 2013 de hoofdredacteur van MACRO Trends. Onder zijn leiding is het blad verschoven van een blaadje over goud en goudmijnaandelen, naar een gedegen blad over de gevaren van het monetaire systeem, en hoe zich daarop voor te bereiden. De analyses van Brecht Arnaert zijn op zijn zachtst gezegd controversieel, maar zetten u als belegger aan tot denken over de enorme risico's die u loopt. Risico's die u kan vermijden indien u zijn raad opvolgt.